
Marrakech hadden we snel gezien. Te druk, teveel herrie, teveel stank en te toeristisch, dus besloten we toch een tocht van drie dagen te doen naar de Desert. Zeshonderd kilometer naar het oosten, bijna aan de grens met Algerije. We boeken de reis via Getyourguide en vertrekken op vijfentwintig december en komen de zevenentwintigste weer terug. Kerst vieren we dus in de woestijn.



Uiteraard is deze tocht ook toeristisch en rijden de toeristenbussen af en aan. De prijs was goed, het gezelschap in de bus ook en de rit door het Atlasgebergte is ook schitterend. In de bus zit nog een Nederlander, vier Engelsen en vier Canadezen. O ja en ook nog twee andere toeristen, ik denk Marokkanen, maar deze isoleren zich steeds van de groep, dus geen contact mee.


De chauffeur stopt op verschillende plekken in het gebergte om te kijken naar het uitzicht. Ik heb deze tocht meer dan zeshonderd foto’s gemaakt en kan ze echter niet allemaal tonen, dus ik heb de mooiste eruit gezocht. De tocht bestaat uit twee overnachtingen, een bezoek aan Ait Zineb, Tinghir, Toudgha El Oulia en natuurlijk Erg Chebbi.

Ait Zineb
We brengen als eerste een bezoek aan Ait Zineb waar veel films uit Hollywood zijn opgenomen zoals Laurens von Arabia, Prince of Persia en nog wat films. De locatie is natuurlijk schitterend voor zulke films met dergelijke decors. In de reisbrochure stond dat je hier gebruik kon maken van een gids die je door het dorp leidt, deze kost twee euro per persoon. Wij besluiten dat we zelf op pad gaan. Eenmaal uit de bus, worden we allemaal naar een gids geleidt met het verzoek om bij elkaar te blijven.



Van de gids krijg ik niet veel mee en Venry ook niet. Alles in het Engels en ik vind het leuker om gewoon rond te lopen en foto’s te maken. De hele rondleiding duurt ongeveer een uur.


In het dorp brengen we een bezoek aan een tekenaar die werkt met waterverf en kleine schilderijtjes maakt.




Na de rondleiding met de gids mogen we allemaal twee euro aftikken. Toch slim gedaan dat vrijblijvend een gids nemen. Beneden worden we allemaal vakkundig een restaurant ingeleid waar we onze “lunch” kunnen nuttigen. Een driegangen menu van tien euro, dat valt nog wel mee en weten uit ervaring dat het eten in Marokko goed van kwaliteit is. En eten moeten we toch.

De eerste avond slapen we in een hotel waar we avondeten en er muziek is. In de zomer is het hier vermoedelijk druk.



De volgende ochtend moeten we vroeg uit de veren. Even ontbijten en om acht uur vertrekt de bus weer om aan het einde van de middag in de woestijn aan te komen.

Onderweg bezoeken we nog een mooie kloof tussen de bergen.



Tinghir
Na de stop in de vallei rijden we door naar Tinghir. Dit is een plaats waar veel berbers wonen. Berbers zijn van oorsprong een reizend volk dat overal met hun dieren rondtrekt. Tegenwoordig zijn er veel berbers die zich ook vestigen op een vaste plaats.

Hier krijgen we een rondleiding van een berbergids, tenminste we gaan ervan uit dat dat zo is. Je weet niet altijd zeker of soms dingen in scene gezet zijn voor toeristen.

De berber leidt ons over de akkers heen die mooi groen zijn. In dit gebied van de Atlas is voldoende water uit de bergen. Iedereen mag gebruik maken van wat er groeit op de akkers en al deze velden gaan over van familie op familie. Hij woont in een huis met veertig kamers en deelt dit huis met tachtig andere familieleden. Een helft van de familie werkt buitenshuis en de andere helft is thuis. Deze zorgen voor de kinderen en de oudere familieleden waaronder de grootvader- en grootmoeder.

De berber verteld dat ze geloven dat grenzen niet bestaan, deze zijn verzonnen door de mensen. De wereld is van niemand en iedereen is familie want volgens de Islam stammen we allemaal van Abraham af. Ze houden van al het leven, dieren en mensen. Ze eren een god.

Zijn vrouw komt uit een andere berberfamilie. Hij heeft haar niet zelf uitgezocht, dit doet de familie of de grootmoeder. Deze kennen de kinderen van kleins af aan en weten precies wat voor persoonlijkheid een man heeft. Op de avond als het zover is, wordt er een feest gegeven. De man krijgt de vrouw nog niet te zien, zij is gesluierd. De vrouw in kwestie wordt echt gekozen op persoonlijkheid en niet op uiterlijk. Uiteindelijk krijgt hij natuurlijk zijn vrouw te zien. Had hij meerdere vrouwen, omdat dit binnen de Islam geoorloofd is? Nee, waarom zou hij, zei hij. Hij heeft een vrouw die heel goed bij hem past. En die in haar hart en persoonlijkheid heel mooi en lief is.

De berbergids neemt ons mee in het dorp en we mogen op bezoek komen bij een berberfamilie in huis. Berbers zijn heel gastvrij. De gids vraagt of we binnen mogen komen. In de hal hangt het helemaal vol tapijten en ook op de vloer liggen deze. Ik denk in eerste instantie nog dat dit zo hoort, het blijkt echter al snel te gaan over het maken en kopen van vloerkleden. Niemand in de groep heeft interesse.

We krijgen thee, wat uitleg over het maken van de tapijten en dan wordt het ene kleed na het andere tentoongespreid. Ze kunnen het ook opsturen naar het thuisland. Iemand stel nog een vraag over de prijs van het tapijt en dit is kolen op het vuur. Alles wordt uit de kast getrokken om een kleedje te verkopen. Helaas. Langzaam valt er een ongemakkelijke stilte totdat iemand in de groep zegt dat het het tijd wordt om te gaan. Lijkt mij ook een goed plan. Dus we staan op en vertrekken.
We worden weer naar onze bus geleidt en rijden verder samen met de berbergids die nog meegaat. Uiteindelijk stoppen we weer bij een restaurant waar we gaan lunchen.

Erg Chebbi (Woestijn)
Uiteindelijk na een lange rit, bereiken we tegen het einde van de middag de woestijn. We zijn vlakbij de grens van Algerije. Wanneer je naar Google Maps gaat, zie je dat de woestijn niet echt groot is. De echte woestijn ligt nog veel verder naar het Oosten, wat niet weg neemt dat het hier in de zomer bloedheet wordt en nu in de nacht temperaturen tegen het vriespunt gehaald worden.

Hier gaan we een dromedarisrit doen. Zelf dacht ik dat we een kilometer of vijf de woestijn in zouden reizen. De waarheid blijkt echter anders. Het is een ronde van ongeveer een uur om uiteindelijk bij een tentenkamp aan te komen vlakbij de plaats waar de bus is gestopt. Dit mag de pret echter niet drukken, Venry vindt het geweldig. “Ik moet bijna huilen, “zegt hij. Van geluk dan natuurlijk!



Bij de kamelenrit hoort natuurlijk traditionele kledij en daar mag het dus niet aan ontbreken.

De dromedarisrit gaat beginnen. Het is toch een groot dier en wanneer de dromedaris opstaat moet je je toch even goed vasthouden. Venry zit op een dier achter mij. Ik vind dat toch wel heel even spannend, maar het gaat goed.




Na de kamelenrit gaan we genieten van de zonsondergang in de woestijn. Weer eens wat anders met Kerstmis, hoewel we niet echt aan kerst denken wat begrijpelijk is in deze omgeving. De kamelen laten we achter onder aan de heuvel en zullen straks na zonsondergang naar het tentenkamp lopen.






Nadat de zon is ondergegaan, koelt het zeer snel af en is van het woestijngevoel nog weinig te merken. We gaan snel richting het kamp, even kijken wat voor tent we hebben en zorgen dat we op tijd zijn voor eten.



Tijd om te gaan eten. We lustten wel wat na een lange rit in de bus, op de dromedaris en de zonsondergang. Het eten is verbazend goed en enorm veel. Te veel zelfs, dat het niet op gaat. Een grote salade met rijst als voorgerecht en daarna een grote tajine met kip. De kwaliteit is ook zeer goed. Het eten in Marokko is tot nu toe voortreffelijk, overal of je nu in een toeristische plaats bent of ergens tussen de locals zit.

Na de maaltijd is er buiten nog muziek en dans. Venry vindt het trommelen erg leuk om te doen, nog wat oefenen met het ritmegevoel, maar dat komt uiteindelijk ook wel goed. Het is echter erg koud, dus na niet al te lange tijd gaan we terug naar onze tent.

Ik geloof dat het hoofd zo’n beetje eraf gevroren is vannacht. Nooit gedacht dat het in een woestijn zo koud zou kunnen zijn. Rond tien over half acht moeten we weer klaar staan voor het ontbijt, de zonsopgang en een nog een stukje op de dromedaris. We zullen blij zijn als de zon te voorschijn komt en de lucht een beetje opwarmt.
Gezien de kou, valt het ons zwaar om naar de zonsopgang te gaan kijken. De dromedarissen die wachten al op ons. Ongelooflijk dat die dieren het niet koud hebben gehad vannacht. Onze vingers plakken bijna vast aan de metalen handgrepen waarom onze handen zitten tijdens de terugrit.
Schit-te-ren-de foto’s en filmpjes!!!
Dank je Lenny!